De ziel van een volk

Harold Fielding Hall

In het boek The Soul of a People (1898), geschreven toen Myanmar onderdeel was van het Britse Imperium, geeft Harold Fielding Hall een beschrijving van het karakter van de Myanmarezen. Die beschrijving staat loodrecht op de onverdraagzame en moordzuchtige neigingen die hen vandaag de dag in het Westen en Arabië worden toegeschreven.

Harold Fielding Hall (1859-1917) werd geboren in Ierland. In 1878 begon hij een zeiltocht rond de wereld. Van 1879 tot 1885 werkte hij als koffieplanter in Opper-Burma. Vanaf 1887 werkte hij in regeringsdienst als districtsambtenaar en later magistraat. Van 1904 tot 1906 richtte hij plattelandsbanken op. In 1906 keerde hij terug naar Engeland, waar hij zich ging toeleggen op schrijven.

In de Nederlandse vertaling van Felix Ortt uit 1914, De ziel van een volk. Het Boeddhisme als volksgeloof in Burma, begint het hoofdstuk ‘Manieren’ als volgt:

‘Een merkwaardige trek in het karakter der Burmanen is hun tegenzin om zich met zaken van anderen te bemoeien. Of dit voortvloeit uit hun godsdienst van zelf-volmaking of niet, kan ik niet zeggen, maar het stemt er geheel mee overeen. Wat iemand doet of denkt is zijn eigen zaak, denkt een Burmaan; ieder is vrij zijn eigen weg te gaan, zijn eigen gedachten te denken, zijn eigen daden te doen, ten minste zolang hij zijn buren niet te veel hindert (…). Hij heeft een zeer ruime verdraagzaamheid ten opzichte van zijn omgeving en acht het niet nodig zijn buurman’s daden af te keuren omdat deze verschillen van de zijne; nooit vindt hij het nodig zich daarmede te bemoeien zoolang de wet niet overtreden wordt. (…) Hij wenscht zich nooit in andermans zaken te mengen. Hij is tevreden met de zekerheid dat zijn eigen inzichten de beste zijn, en wenscht dit niet voortdurend aan anderen te bewijzen. Daardoor kan een vreemdeling zich vestigen in een Burmaans dorp, zich daar in volkomen vrijheid inrichten en leven zooals hij dat wil en gewend was: hij kan zich kleeden, eten en drinken, bidden en sterven zooals hij verkiest. Niemand zal zich daarmee bemoeien. Niemand zal probeeren hem te verbeteren: niemand zal hem ooit zeggen dat hij tot het uitvaagsel der beschaving of van den godsdienst behoort. Men zal hem nemen voor ’t geen hij is, en ’t daarbij laten. Wenscht hij zijn leven te veranderen en zich te voegen naar de Burmaansche gewoonten en vormen, des te beter; maar zoo niet, ook al goed.’

(Deze link is naar de oorspronkelijke Engelse versie: Chapter XVIII ‘Manners’, p. 222-228)

Jan-Philipp Sendker

Jan-Philipp Sendker (1960) was tussen 1990 en 2005 correspondent van het weekblad Stern in de VS en in Azië. Hij raakt diep onder de indruk van Myanmar. Tijdens een van zijn eerste bezoeken aan het land komt hij in contact met een boekhandelaar. Deze geeft hem het boek The Soul of a People cadeau. Wanneer hij opmerkt dat het toch wel een oud boek is , antwoordt de gever: ‘Ach, weet u, de ziel van een volk verandert niet zo snel.’

Meer dan honderd jaar na Fielding Hall wordt de ziel van het volk van Myanmar op adembenemende wijze beschreven in een aantal boeken van Jan-Philipp Sendker. In 2002 verscheen Das Herzenhören (The Art of Hearing HeartbeatsWat het hart kan horen), in 2012 het vervolg Herzenstimmen (A Well Tempered HeartDe stem van het hart) en in 2017 Das Geheimnis des Alten Mönches, Märchen und Fabeln aus Burma. (The Long Path to Wisdom. Tales from Burma). Op 3 september dit jaar komt zijn volgende boek uit, dat speelt in het Myanmar van na 2007: Das Gedächtnis des Herzens (The Memory of The Heart).

Sendker schreef de afgelopen jaren ook drie boeken over China.

George Orwell

George Orwell (pseudoniem van Eric Arthur  Blair, 1903 – 1950) beschreef in 1934 in Burmese Days (De jaren in Birma) het leven van de Britse kolonialen. Vanwege zijn latere boeken Animal Farm (1945) en Nineteen Eighty-Four (1949) wordt Orwell in Myanmar wel ‘de profeet’ genoemd. Men ziet namelijk parallellen tussen Animal Farm en het bewind van Ne Win van 1962 tot 1991, en tussen Nineteen Eighty-Four en het bewind van de SLORC na 1991.

Boeddhisme en de Staat

Het rapport Buddhism and State Power in Myanmar van de International Crisis Group uit september 2017 vind ik bewonderenswaardig knap en verhelderend. Zeker in aanmerking genomen dat het door niet-boeddhistische buitenlanders geschreven zal zijn. Het geeft m.i. een goed beeld van de ‘soul of the people‘ honderdtwintig jaar na het boek van Harold Fielding (zie boven). Wie meer vertrouwd is met de Boeddha-Dhamma dan de opstellers van het rapport, zal dit rapport ongetwijfeld op zijn waarde weten te schatten.

Er zijn zoveel waanideeën over Myanmar! Zo werd de monnik U Wirathu al in 2013 in het weekblad Time, niet gehinderd door enige kennis, de Bin Laden van Myanmar genoemd. Over haat zaaien gesproken! Hij is echter op zijn hoogst de Geert Wilders – zelfs diens grootste tegenstanders zullen het niet in hun hoofd halen hem met Bin Laden te vergelijken. Op zijn hoogst een zaaier van angst, dat is wel een verschil. Deze U Wirathu heeft van 2003 tot 2012 gevangen gezeten wegens opruiing, en heeft in 2017 nog een spreekverbod van een half jaar gehad. Zie zo iemand dus wel in zijn context! Voor wie daar moeite mee blijft hebben, heb ik nog een nieuwtje: de aanval van de terroristen van ARSA op 25 augustus 2017 wordt in Myanmar als hun 9/11 gezien. Wen er maar aan! Dit rapport helpt daar wellicht bij.