|
|
| O - Ondersteunende vermogens |
|
|
|
|
1. NIET-OORDELEN Onpartijdig waarnemen, als een wetenschapper in een laboratorium. Niet meteen indelen in goed en fout/slecht. Eerst moet de kwantiteit en kwaliteit van ons gegevensbestand vergroot worden. 2. GEDULD Geduld met onszelf en met anderen. Geduld is geen zwakte, maar een enorme kracht. Kijk maar eens in het dierenrijk. Met geduld zijn oorlogen gewonnen. 3. EINDELOOS BEGINNEN Dingen zien alsof je ze voor het eerst ziet. Een bekend boek van D.T. Suzuki heet niet voor niets: Zen Mind, Beginners Mind. 4. VERTROUWEN Vertrouwen in jezelf, d.w.z. op de waarneming van gedachten, gevoelens en lichaamssensaties. Vertrouwen in de instructies die je aangereikt krijgt om deze waarneming te ontwikkelen. Vertrouwen dat anderen daarin al succesvol geweest zijn. 5. NIET-STREVEN Niet steeds denken aan de bergtop waar je naartoe wilt, maar rust vinden in het lopen. 6. ACCEPTATIE Dingen zien zoals ze werkelijk zijn. Ze niet ontkennen, geen verzet ertegen. Acceptatie is een noodzakelijke voorwaarde voor een eventuele verandering. 7. LOSLATEN Let it be. Niet hechten aan wat voorbij komt, ook niet wegduwen. Je mist niets als je niet hecht, alleen het hechten. 8. VRIENDELIJKHEID Het goede willen zien. Compassie voor jezelf en anderen. Liefde zonder voorwaarden vooraf, zonder iets terug te willen. Geven vanuit overvloed, niet vanuit een tekort. |